Biopsiename

Biopsie of FNAC

De keuze tussen een weefselbiopsie of een cytologische punctie hangt onder andere af van de plaats en het orgaan dat moet worden onderzocht. Cytologie zal eerder gebruikt worden indien er enkel moet geweten zijn of een letsel maligne is of niet (met eventuele subtypering), of als het gaat om een letsel waarvan het inliggende vocht kan/moet onderzocht worden. Het nadeel is dat FNAC niet geschikt is om alle histopathologische vragen te beantwoorden. Vaak opteert men dan liever onmiddellijk voor een weefselbiopt.

Bij een biopsiename wordt na locale anesthesie met een semi-automatische biopsienaald een kleine cilinder uit het weefsel genomen. Deze preparaten worden gekleurd en onder de microscoop bekeken. Ook kunnen hier receptor bepalingen en andere op gebeuren.

Bij een FNA of fijne naaldaspiratie wordt na lokale anesthesie met een gewone IM of speciale cytologie naald tot in het letsel geprikt waarna door repetitieve kleine bewegingen onder negatieve druk, cellen worden opgezogen in de naald. Deze worden dan cytologisch beoordeeld onder een microscoop.

 

Voorbereiding

Als de patiënt bloedverdunnende middelen gebruikt, moeten deze medicijnen soms tijdelijk gestopt worden, afhankelijk van het type en de dosis. Het intern beleid bij een core biopsie is om volgende bloedverdunners op voorhand te stoppen:

  • Aspirine (>100mg) in primaire preventie
  • Vitamine K-antagonisten indien INR >2,5 à 3
  • NOAC’s
  • Duo-antiplaatjestherapie in overleg met de cardioloog afhankelijk van het trombo-embolisch risico

De patiënt hoeft niet nuchter te zijn voor het onderzoek.

Biopsie

Voor de biopsie gebruiken we een biopsie naald gemonteerd op een afschietsysteem. Daarnaast gebruiken we een lokaal anestheticum met adrenaline om de bloeding achteraf te beperken.

Er kunnen biopsieën worden genomen van ondiepe, echografisch bereikbare, letsels:

  • Borstmassa
  • Subcutane massa

Voor een biopsie van dieper gelegen letsels zoals de lever en nieren, verwijzen wij graag naar de collega’s in de ziekenhuizen.

FNAC

Voor een fijne naald aspiratie gebruiken we een intra-musculaire naald onder continuë zuigkracht door middel van een Luerlock spuit. Het risico op bloedingen is hier zeer beperkt.

 Er kunnen aspiraties gebeuren van ondiepe, echografisch bereikbare, letsels:

  • Borstletsel
  • Subcutane massa
  • Schildklier
  • Lymfeklier
  • Speekselklier

Na de procedure

Het specimen wordt naar het labo gestuurd voor APD. In kopij wordt steeds de huisarts en de behandelende ziekenhuisarts gezet indien reeds geweten.

Indien de patiënt pijn ervaart na de procedure mag pijnstilling worden genomen, maar echter niet van het type acetylsalicylzuur gezien het risico op nabloeding.

Uitslag

De uitslag is meestal na 3 à 4 werkdagen gekend. Vaak is telefonisch reeds een voorlopig resultaat beschikbaar na 2 werkdagen.